Townsville
Volgende stop: Townsville, de stad met de meest saaie naam ooit, vind ik. Gelukkig is de stad wel erg leuk en een stuk gezelliger dan sommige van de vorige steden die we bezocht hebben. Op de weg er naartoe beginnen we duidelijk te merken dat we naar tropische gebieden gaan: veel palmbomen, bananenbomen en een veel groenere beplanting. Ook is het hier gemiddeld rond de 27 graden, betrekkelijk vochtig en doet de airco van onze auto goed dienst.
Townsville zelf is een leuke havenstad met enkele (eindelijk!) verkeersvrije straten waar we een toffe lunch-plaats vinden. Verder veel winkels om wat in rond te snuisteren en ook genoeg oude gebouwen (al is dat relatief, max 200 jaar oud) om onze Europese honger naar geschiedenis te stillen 🙂 De stad leeft vooral rond de Esplanade, een grote laan en park net langs de kust waar je veel joggers ziet lopen en ouders met kinderen die in het park komen spelen. In het water zwemmen is min of meer nog wat op eigen risico, aangezien het seizoen van de pijnlijke Marine Stingers nog maar net gedaan is. Gelukkig is er een beschermd stuk water die door middel van een “stinger net” gevrijwaard blijft van de stekelige beestjes. Als je toch een beet zou krijgen blijkt azijn het beste de pijn tegen te gaan, en je vindt dan ook om de zoveel meter een busje met azijn langs het strand 🙂
Ons hotel had een echt leuk zwembad, waar we dan ook graag gebruik van maakten. Hoe noordelijker we trekken, hoe vaker we toch ook eens een wolkje zien. De temperatuur blijft echter nog steeds stijgen, en gelukkig is de zon ook nog vaak van de partij.
Comments are closed, but trackbacks and pingbacks are open.